• Als maagzuur herhaaldelijk inwerkt op de slokdarmwand kan de slokdarm na verloop van tijd een ontstekingsachtige irritatie vertonen (reflux oesophagitis). De slokdarm is namelijk niet bestand tegen dit bijtend zuur.
  • Als je voedsel doorslikt gaat dit via de slokdarm naar de maag. Normaal verhindert de sluitspier op het einde van de slokdarm dat het voedsel na vertering de verkeerde kant opgaat en maagzuur in contact komt met de slokdarm. Deze spier gaat immers slechts even open wanneer we slikken en sluit nadien weer volledig.
  • Af en toe vloeit er toch wat maaginhoud terug naar de slokdarm, bijvoorbeeld bij een overvolle maag. Zo’n zure oprisping is niet erg. Het wordt pas hinderlijk wanneer je er frequent last van hebt (gastro-oesophagale reflux) en na verloop van tijd de slokdarm dus geïrriteerd raakt.  

Oorzaken

  • De kans op reflux verhoogt als de sluitspier onderaan de slokdarm meer spontane relaxaties gaat vertonen. Dit kan door een gebrekkige werking van de spier, maar ook door alles wat de maag uitzet en de druk in de buik vergroot of de bewegingen van de slokdarm beïnvloedt.
  • Maagbreuk (hernia): om de maag te bereiken, moet de slokdarm door een opening in het middenrif (hiatus) passeren. Als het bovenste deel van de maag door dit gat uitpuilt boven het middenrif (diafragma), heb je maagbreuk. Die komt frequent voor en is niet ernstig. Het veroorzaakt meestal geen enkele klacht en blijft zelfs vaak onopgemerkt.
  • Verschillende maag- en darmaandoeningen kunnen aanleiding geven tot reflux: de ziekte van Crohn, een maagzweer, kanker…
  • Voeding:
    • Vetrijke maaltijden veroorzaken een daling van de spanning van de sluitspier en verhogen de kans op reflux.
    • Eiwitrijke voeding verhoogt de druk ter hoogte van de onderste slokdarmsluitspier en is dus gunstig.
    • Koolhydraten hebben weinig effect.
    • Chocolade en bepaalde kruiden kunnen de sluitspier irriteren: pepermunt, look, ajuin en kruidnagel.
    • Citrusdranken, pikante spijzen, bereidingen met tomaten en koffie zijn voedingswaren die vaak met de vinger worden gewezen. Ze hebben echter geen rechtstreekse invloed op de druk op de sluitspier en dus ook niet op de reflux. Als de slokdarm reeds geïrriteerd of ontstoken is, dan kunnen deze producten wel voor extra prikkeling zorgen.
  • Roken kan een invloed hebben op de maag.
  • Alcohol zorgt voor ontspanning van de spieren van de slokdarm en kan ook het slijmvlies van de slokdarm irriteren. Bovendien verhoogt alcohol de zuurtegraad van de maag.
  • Volgens bepaalde studies komt een ontsteking van de slokdarm meer en in ernstigere mate voor bij zwaarlijvigheid.
  • Sommige geneesmiddelen verhogen het risico op een slokdarmontsteking:
    • Antibiotica
    • Hartmedicijnen
    • Kalmeer- en slaapmiddelen
    • Niet-steroïdale ontstekingsremmers zoals aspirine, ibuprofen …
    • Sommige astma- en allergiemedicijnen

Klachten

  • Zuurbrand: een oprisping van zuur of bitter smakend vocht in de keel en mond en/of branderig gevoel achter het borstbeen (retrosternaal). Zure oprispingen treden vooral op:

    • Na een zware maaltijd
    • Wanneer je voorover buigt
    • Wanneer je een zwaar gewicht moet opheffen
    • Wanneer je (op de rug) gaat liggen
    • Komt meer ’s nachts voor
  • Dyspepsie of indigestie: een onbehaaglijk, vol gevoel, met soms misselijkheid en braakneigingen.
  • Braakneigingen
  • Scherpe pijn achter het borstbeen die soms uitstraalt tot in de keel.
  • Slikproblemen
  • Ademhalingsproblemen (chronische hoest, piepende ademhaling), vooral ’s nachts
  • Heesheid, herhaalde hik-aanvallen
  • Verstopte neus, oorpijn, oorsuizen

Eventuele complicaties

  • Belemmerende voedselpassage
  • Bloeding
  • Littekenvorming
  • Vernauwing van de slokdarm

Onderzoek

Een gastroscopie is de meest aangewezen onderzoeksmethode om de toestand van het slijmvlies van de slokdarm, eventuele bloedingen, vernauwingen… te onderzoeken.

Behandeling

  • De aanpak van een slokdarmontsteking verschilt van persoon tot persoon. Je moet nauwkeurig nagaan in welke omstandigheden de klachten voorkomen en welke de belastende factoren zijn.
  • Pas je slaaphouding aan: verhoog het hoofdeinde van het bed tot een hoek van ongeveer 30° door bijvoorbeeld blokjes onder de poten te plaatsen. Alleen je hoofd hoger leggen met een extra kussen vergroot de kans op reflux.
  • Indien je een middagdutje doet na de maaltijd, doe dit dan liefst in zithouding.
  • Bij overgewicht is vermageren essentieel.
  • Draag geen strakzittende kledij.
  • Vermijd fitnessoefeningen die, vooral in liggende houding, buikspieren ontspannen.
  • Spreid je maaltijden: neem 5 à 6 kleine maaltijden in plaats van 2 uitgebreide.
  • Neem het avondmaal minstens 3 uur vóór het slapengaan.
  • Bij neiging tot verstopping neemt je best vezelrijke voeding.
  • Voeding met gunstig effect:
    • Eitwitrijke voeding (mager vlees, magere melkproducten)
    • Mager en halfvette melkdranken
  • Voeding vrij te gebruiken: soep en magere bouillons
  • Voeding die je best vermijdt:
    • Bruisende dranken
    • Chocolade
    • Citrusdranken
    • Hete of erg koude dranken
    • Koffie
    • Overmatig alcoholgebruik
    • Pepermunt, ajuin, look, kruidnagel en in het algemeen pikante spijzen
    • Te veel vet en suiker
  • Geneesmiddelen verhogen het risico op een slokdarmontsteking. Probeer de aandoening eerst te beperken door aangepaste voeding en handelingen. Als dat niet of onvoldoende helpt, kan je geneesmiddelen gebruiken. Doet dit wel steeds in samenspraak met je arts. Als de arts medicatie aanraadt, start je doorgaans met een zuurafbrekend (antacida) middel. Als dat niet werkt, stappen we over naar een zuurremmer.
  • Een operatie raden we pas aan als geneesmiddelen niet werken of er een frequente terugval is.  Chirurgie herstelt de anti-refluxbarrière in de slokdarm. Tijdens de ingreep (fundoplicatie) rollen we het linker- en het bovendeel van de maag (fundus) rond het eerste benedensegment van de slokdarm.